Banken die zicht richten op vermogende klanten vestigden zich van oudsher vaak in prestigieuze stadslocaties, zoals aan grachten, hoofdstraten of pleinen in stadscentra, dicht bij financiële en commerciële knooppunten. Ze kozen voor monumentale gebouwen met een imposante architectuur, vaak in een historische (neo)stijl, om stabiliteit, betrouwbaarheid en luxe uit te stralen. Gedurende de 20e eeuw werden moderne, glazen gebouwen populair, passend bij een vooruitstrevend imago. Tegenwoordig combineren private bankers historische panden met moderne faciliteiten of verhuizen naar duurzame, innovatieve gebouwen, goed bereikbaar buiten traditionele stadscentra, gericht op efficiëntie en digitalisering.
Ook de oudste zogenaamde merchant banks – meestal voorgangers van MeesPierson – vestigden zich bij voorkeur in de buurt van oud geld. In Amsterdam was dat bijvoorbeeld aan de Herengracht, in Den Haag was dit rond de Hofvijver. De favoriete bouwstijl was historiserend, aansluitend bij de conservatieve smaak van veel van hun klanten: zogenaamde neostijlen zoals het neo-renaissancisme of neo-classicisme. Het interieur kenmerkte zich door een luxe inrichting en duur materiaalgebruik. Dit veranderde pas langzaam ver na de Tweede Wereldoorlog.
Het Haagse kantoor van de Nederlandsche Handel-Maatschappij – een van de belangrijkste voorgangers van ABN AMRO – was gespecialiseerd in klanten met een link met de toenmalige kolonie Nederlands-Indië, tegenwoordig Indonesië. Zogenaamde oud-Indiëgangers waaronder planters en directeuren, hadden vaak een aanzienlijk vermogen opgebouwd en bankierden graag bij dit kantoor aan de Kneuterdijk/Hofvijver. Het pand was honderd jaar geleden uitbundig vormgegeven in een rijkversierde historiserende stijl van die teruggreep op Nederlands Gouden Eeuw met veel dure materialen zoals marmer en gietijzer. Tot 1998 was de bank hier gevestigd.

Luister naar Ralph Hendriks, Managing Director ABN AMRO MeesPierson, in de onderstaande podcast en met de transcriptie in Nederlands en Engels.